Het zal niemand verbazen dat ik op BIJ1 heb gestemd. Om precies te zijn, op de nummer drie. Dit heeft twee redenen. Dat ik op de hoogste vrouw stem, die niet de lijsttrekker is. De belangrijkste reden is echter dat ik de pas eenentwintigjarige Rebekka Timmer ontzettend waardeer voor haar dossierkennis, haar debatkwaliteiten en haar overall talent. Misschien komt ze niet de Kamer in, maar eenentwintig! Daar zijn we gelukkig (hopelijk) nog lang niet van af!
Terug naar BIJ1 an sich. Waarom heb ik eigenlijk op die club gestemd of nog erger, waarom ben ik lid?! š± Samengevat, omdat het de enige linksprogressieve partij is die op geen enkel (voor mij belangrijk) punt concessies doet.Ā Die geen valse tegenstellingen schept, die niet voor electoraal gewin bepaalde punten (lees mensen) naar de achtergrond manoeuvreert, en op een intersectionele manier laat zien dat de verschillende vormen van onderdrukking niet op zichzelf staan.
Dat BIJ1 constant verkeerd wordt geframed is geen nieuw verschijnsel. Dit gebeurt echter vooral op rechts. Op links gaan echter ook enkele frames over BIJ1 rond, die eenvoudig ontkracht kunnen worden. De eerste frame had ik al in een draadje op social media ontkracht, dus laat ik daar mee aftrappen.
Is de kans dat mijn stem op BIJ1 verloren gaat niet groot?
Als eerste over het frame dat een stem op BIJ1 een weggegooide stem is als ze niet in de Kamer komen (waar we niet van uit gaan). Want dan gaat je stem naar een andere partij. Dit kan echter ook als je op een gevestigde partij stemt.
Stel je voor dat je voor ƩƩn zetel 75.000 stemmen nodig hebt (kiesdeler), dan betekent dat ook dat je voor twee zetels 150.000 nodig hebt (restzetels aside). Heeft die partij echter 200.000 stemmen, dan betekent dat er 50.000 zijn weggegooid.
Tussen 1 en 3 januari 2021 heb ik mijn roepnaam veranderd in Joene. Dit heb ik via meerdere kanalen in het Engels en Nederlands gecommuniceerd. Deze belangrijke en persoonlijke mededeling geef ik hier, in een iets gewijzigde vorm, een vast plekje.
Niets is zo aan meerdere interpretaties onderhevig als de āvrijheid van meningsuitingā. Ook al is de juridische definitie, of officiĆ«le zoals je wil, niet zo moeilijk uit te leggen. Namelijk dat de burger geen toestemming hoeft te vragen aan de overheid om dies mening te uiten en dat diezelfde overheid een burger juridisch niet mag veroordelen om dies mening.
Deze vrijheid van meningsuiting staat in artikel 7 van de Nederlandse grondwet. In artikel 1 staat weer dat je niet mag discrimineren en in artikel 6 staat de vrijheid van godsdienst. Dit is alleen nog maar de grondwet. Het gaat hier te ver om alle nationale, Europese en internationale wetgeving en verdragen te ontleden. De vrijheid van meningsuiting, zoals die in de wet staat, wordt dus begrensd. Bovendien gaat deze over de relatie tussen de overheid en de burger. Niet over de relatie tussen burgers onderling.
Hoe dan ook, dit zou de meeste mensen een zorg zijn. In de dagelijkse omgang, ook die op social media, betekent vrijheid van meningsuiting voor veel mensen het recht om te zeggen wat die wil. De vrijheid van meningsuiting is echter verworden tot de vrijheid om elkaar te beledigen. Botst dit echter niet met enkele diepgewortelde maatschappelijke omgangsvormen? Zoals onderling respect, het typisch Nederlandse āleven en laten levenā en het universele ābehandel anderen zoals je door hen behandeld wil wordenā. De vrijheid van meningsuiting tussen mensen onderling wordt dus ook begrensd.

Ik had weer eens een geval van plaatsvervangende schaamte. Na het managementpraatje maandagavond van Rutte, waren linkse politici en ander links volk er als de kippen bij om hun lof voor Rutte uit te spreken. Geen greintje kritiek was er meer te bekennen. Asscher: āhet is me uit het hart gegrepenā, Klaver: āeerlijk en indringendā en Lilian Marijnissen: āindrukwekkende en indringende toespraakā. Alleen twee extreemrechtse partijen, die ik niet verder bij naam noem, hadden kritiek op de vorm en inhoud van het praatje. Zo jaag je wel (terecht) kritische linkse mensen in de armen van extreemrechts.
Dat we met zān allen onderling solidair moeten zijn is meer dan logisch. Het werkwoord solidariteit heeft in tijden van neoliberaal beleid flinke klappen gehad. Het is wat dat betreft een opsteker dat mensen het nu weer herontdekken. Hervertalingen van Kropotkins āWederzijdse Hulpā en āDe verovering van het broodā zouden nu niet eens een slecht idee zijn. Het waren echter Rutte en zijn bondgenoten die deze solidariteit de nek hebben omgedraaid. De politiek van mensen tegen elkaar uitspelen is nu eenmaal een belangrijke pijler van het kapitalisme, vooral in de neoliberale variant. Dat dus nu juist Rutte wordt omarmd door mensen die hij al die jaren heeft laten stikken is een gotspe. Trap er niet in mensen! Rutte is niet onze vriend.
.jpg)
Het is je vast niet ontgaan, maar Sander Schimmelpenninck (1984), de sympathiek ogende hoofdredacteur van het kapitalisten likkende blaadje Quote, schreef een column in de Volkskrant over GeenStijl. Gebracht als een felle aanval op deze extreemroze rioolsite, is het voor de goed oplettende lezer juist een ode aan de haatentertainment. Om deze duiding verder kracht bij te zetten, ga ik het schrijfsel van de nieuwe Jort voor jullie vakkundig ontleden.
āEen echte reaguurder was ik nooit, maar sinds mijn studententijd beschouw ik mijzelf als overtuigd fan van GeenStijl.ā
Graaf Schimmelpenninck heeft zich dus welwillend laten vermaken en beĆÆnvloeden door een alsmaar doorrazende diarreestorm aan getreiter, haatzaaien, hoaxes en andere rechtse propaganda. Grote kans dat zijn vriendjes ook regelmatig op deze plaats van delict waren te vinden en je kunt er gif op innemen dat deze haatdrek welkome conversatiestarters waren.
āDe roze rebellensite ⦠Linkse naĆÆviteit en politieke hypocrisie ā¦ā
Wat een rechtse website in een rechtse maatschappij rebels maakt, is mij een raadsel. Vooral ook omdat GeenStijl uitblinkt in kleinburgerlijkheid. Het klopt dat de politiek vaak hypocriet is. Het is echter naĆÆef om te denken dat links naĆÆever is dan rechts. NaĆÆviteit en hypocrisie komt bij alle politieke smaakjes voor. Ja ook onder links, bijvoorbeeld bij de PvdA, die onder Kok dacht dat het omarmen van het rechtse neoliberalisme de weg voorwaarts voor links moest zijn. Onder rechts is de hypocrisie en naĆÆviteit altijd groter geweest. Noem bijvoorbeeld de al jarenlange toppositie van de VVD op de Politieke integriteitsindex, het hypocriete drugsgebruik onder orthodox-christelijke jongeren, het naĆÆeve marktdenken van de meeste rechtse partijen, het hypocriete mensonterende asielbeleid van het CDA, en (last, but not least) de naĆÆeve klimaatontkenners van de PVV en de FvD.
Kom ik vorige week bij de fysio. Vraagt ze wat ik op Koningsdag ga doen. Ik antwoord dat dat voor mij veel te druk is, dus dat ik thuis blijf. Om te zorgen dat onze relatie zakelijk blijft, meld ik maar niet dat ik een grote afkeer heb van de monarchie.
Vandaag weer mijn wekelijkse afspraak. Vraagt ze wat ik op Koningsdag heb gedaan. WTF! Dat heb ik je vorige week al gezegd! Dus zeg ik nogmaals dat dat voor mij veel te druk is en dat ik ben thuis gebleven*. Of dat nog niet genoeg is, vraagt ze of ik zaterdag op de televisie naar de Koninklijke familie in Apeldoorn heb gekeken. Je verzint het niet! Mijn antwoord was dat ik niet zo veel met de Koning heb. Dit was eigenlijk een leugen, want ik heb heel veel met de Koning ā echter in uitermate negatieve zin.
Nu vind ik het bij de kapper al onnodig dat aan mij wordt gevraagd hoe mijn weekend is of wat ik de dag daarna ga doen. Bij een fysiotherapeut vind ik dit al helemaal onnodig. Ik wil dat mijn spieren kapot worden gekneed, zodat ze er weer tegenaan kunnen. Wanneer de reden is om mensen op deze manier op hun gemak te stellen, zeg ik ā donāt do that!

Het internet wordt gedomineerd door perverse ondernemingen zoals Facebook, Google, Amazon, Netflix, Twitter en Microsoft. Wat veel mensen misschien niet beseffen is dat big data, ook jouw data, de nieuwe olie is; zo hoog is de opbrengst en dus het belang voor het hedendaagse kapitalisme. De genoemde ondernemingen moeten dan ook helemaal niet gezien worden als aardige gratis internetdiensten, maar als winstgewesten voor data, immens veel big data. En de opbrengst gaat uiteraard ouderwets en vertrouwt naar de door ons zo verafschuwde topkapitalisten. Ga er maar van uit dat met elke byte die je aan deze corporate datasilo's toevertrouwt een cis-man in een maatpak rijker wordt. En dan heb ik het nog niet eens over de alsmaar groeiende afluisterfetisj van staten gehad. Want veilig zijn deze kapitalistische speeltjes nu ook weer niet. Het stelt mij dan ook meer dan teleur dat antikapitalisten (en andere critici van het kapitalisme) amper gebruik maken van niet-kapitalistische internet-alternatieven.
Fysiek en mentaal overleven in deze kapitalistische wereld is voor velen onder ons in meer en mindere mate een worsteling. Antikapitalisten of mensen die het kapitalisme van zijn scherpste randjes willen ontdoen (je kent ze wel; reformisten) willen wel alternatieven omarmen, maar vaak is dit niet mogelijk omdat die alternatieven duurder of moeilijk verkrijgbaar zijn. Iedereen moet voor zichzelf bepalen wat mogelijk en gewenst is; daar ga ik niet over. Toch zijn er voor de hierboven genoemde internetdiensten wel degelijk goede alternatieven voorhanden en ik verklap het al vast; het kost je niks. Veel computerprogrammeurs en internetactivisten werken met veel passie samen om het internet weer terug te geven aan de mensen, omdat de grote internetreuzen het internet hebben gemonopoliseerd en gecentraliseerd.
Donderdagavond 17 augustus vond in Amsterdam een geslaagde solidariteitsdemonstratie plaats i.v.m. de fascistische moord op Heather Heyer. Op de weblog van kameraad Peter Storm valt een verslag te lezen (ik ben die kameraad die over het knalvuurwerk klaagde), op de site van AFA vind je een fotoverslag en er volgen vast meer verslagen. In dit stuk ga ik echter kort uitweiden over een noodlottige samenloop van omstandigheden; dat de antifascistische demonstratie van donderdagavond op hetzelfde moment plaatsvond dan die afschuwelijke aanslag in Barcelona.
Op social media waren er berichten te lezen van mensen die het schandalig vonden dat de demonstratie in Amsterdam op hetzelfde moment plaats vond dan de aanslag in Barcelona. Dit kwam van rechterzijde, maar ook van gematigde zijde. Nu heb ik niet de pretentie om de spreekbuis van de demonstranten te zijn en reageer ik vrijwel nooit op geroeptoeter op social media, maar voor deze keer maak ik een uitzondering.
Er zijn drie redenen dat deze antifascistische demonstratie op dat moment gerechtvaardigd was:

De journalistiek, de media, de pers, of hoe je het ook wil noemen wordt wel eens de 'vierde macht' genoemd. Dit omdat in de doctrine van de trias politica de journalistiek de eerste (wetgevende), tweede (uitvoerende) en derde (rechterlijke) macht zou controleren. Maar dit is allemaal een mythe.
De drie machten legitimeren elkaars bestaansrecht, faciliteren elkaar en hebben elkaar onvoorwaardelijk lief. Officieel controleren ze elkaar wel, maar dat doen ze alleen om elkaar in evenwicht te houden, zodat de stabiliteit van de staat niet in gevaar komt. In feite is de trias politica de Heilige drie-eenheid van de staat, althans de moderne staat. Dat de zogenaamde vierde macht, de journalistiek, de overige machten zou controleren is een nobel streven, maar suggereert alleen maar dat de journalistiek onderdeel is van dit staatsapparaat. En voor een groot deel van de journalistiek, vooral de mainstream-media is dit inderdaad het geval. De Nederlandse berichtgeving rondom de protesten en acties tegen de G20 afgelopen week in Hamburg bevestigde dit nog eens dubbel en dwars.